• voor / na

Ontwerpproces

Tijdens het startoverleg maken we verder kennis met de opdrachtgever en eventueel met leden uit de projectgroep. Ook wisselen we heel veel gegevens uit. In dit stadium is het belangrijk overeenstemming te vinden in de eindproducten en de detaillering ervan.

Onderstaand lees je wat de vervolgstappen inhouden.

Programma van Eisen

Om tot een geslaagd ontwerp te komen hebben we een Programma van Eisen (PvE) nodig. Dit PvE zorgt voor de harde (technische) randvoorwaarden voor het ontwerp en uiteindelijk voor het speelplein.

Technisch onderdelen van het Programma van Eisen kunnen bijvoorbeeld zijn:

  • minimum aantal vierkante meter verhard plein
  • budget
  • aantal te stallen fietsen (medewerkers/kinderen)
  • aantal bergingen plus minimale oppervlaktes
  • toegankelijkheid hulpdiensten/brandweer opstelplaats
  • materiaalkeuze
  • enz.

Programma van Wensen

In het Programma van Wensen (PvW) staan de ideeën en wensen over de sfeer, uitstraling, inrichtingselementen, materiaalgebruik en dergelijke, voor zover die nog niet vastgelegd zijn in het PvE.

Nadat het PvE en het PvW zijn vastgesteld, starten we met het ontwerpproces. Hierin komen wij los van de termen als schetsontwerp, voorlopig ontwerp en definitief ontwerp. Een schets kan namelijk ook een ‘definitief ontwerp’ zijn. Daarom werken wij met een Basisontwerp, Vervolgontwerp en Detailontwerp.

Iedere volgende fase is een verdere (technische) uitwerking. Hierin kan iedere fase een eindproduct zijn en daarmee ons definitief ontwerp. Aan de hand van inhoudelijke (ontwerp)keuzes of de wijze van aanbesteding/uitvoering kunnen we bepalen tot welke fase we het ontwerp moeten uitwerken.

Observatie en inventarisatie

Bij het ontwerpen van de buitenruimte van een school, is de ontwerper een dag op school aanwezig. Voor, tijdens en na schooltijd observeert hij hoe kinderen de speelruimte gebruiken en hoe de ouders de buitenruimte gebruiken tijdens het halen en brengen van de kinderen. Tussentijds maakt de ontwerper een gedetailleerde inventarisatie van de huidige situatie en eventueel meet hij enkele zaken hierin handmatig in.

Deze werkzaamheden combineren we zo veel mogelijk met het startoverleg. Hierdoor komt alle input voor het ontwerp samen en kunnen we direct beginnen met het ontwerpproces.

Concept

Bij het eerste concept van het ontwerp gaat het om de visie, zonering, functies, ruimtelijke opbouw en/of vormgeving. Hiervoor maken we veelal één of meerdere handmatige schetsen. Deze ‘handschetsen’ geven samen met een verzameling sfeer- en referentiebeelden inzicht in het ontwerp. Met losse tekeningen geven we meer inzicht in de visie, zonering en functie-opbouw van het plangebied.

Omdat het om een eerste opzet gaat, adviseren wij om aan het eerste concept nog geen kostenraming te koppelen. Dat zorgt ervoor dat het gesprek en de discussie zuiver om de inhoud gaat. Uiteraard is het aan ons als ontwerpbureau om met een plan te komen dat realistisch is voor het gestelde budget. Materiaalkeuzes kunnen grote invloed hebben in de budgettering. Deze keuzes maken we in een volgende fase.

Basisontwerp

Nadat we de visie en opbouw van het eerste concept hebben besproken, verwerken we de feedback van de projectgroep. Het Basisontwerp wordt daarmee niet alleen een verdere uitwerking van het Concept. Afhankelijk van de feedback kan ook het ontwerp inhoudelijk of qua vormgeving wijzigen.

In de uitwerking van het Basisontwerp maken we materiaal- en typekeuzes en wordt een stap gemaakt in (beeldbepalende) details. Waar nodig werken we deze in detailtekeningen en/of profielen verder uit. Uiteraard maken we bij het Basisontwerp een kostenraming. Deze geeft de projectgroep inzicht in de opbouw en verdeling van de kosten. Het uiteindelijke product is meestal een verzameling van losse tekeningen, een combinatie van computertekeningen voor de ondergrond en tekenwerk met de hand.

Vervolgontwerp

Na het overleg met de projectgroep verwerken we de feedback en kunnen we het Basisontwerp verder uitwerken tot een Vervolgontwerp. Als alles goed gaat hoeven we het ontwerp niet, of enkel op detail aan te passen. Daarmee kunnen we de digitale ondergrond van het ontwerp verder uitwerken in een CAD-tekening van het inrichtingsplan. Daar kunnen we enkele detailtekeningen en (principe)profielen aan toevoegen. De kostenraming werken we hierbij verder uit, om zo beter inzicht te krijgen in de realisatiekosten.
Meestal is het bij herinrichting voldoende om het ontwerp uit te werken tot een Vervolgontwerp. Dit biedt voldoende houvast om voor de uitvoering meerdere partijen te vragen een offerte uit te brengen.

Detailontwerp

Soms is het wenselijk om het ontwerp verder technisch uit te werken. Dit heeft voornamelijk te maken met de uitvoering en de gewenste manier van aanbesteden. Wanneer hiervoor de wens is om voor de uitvoering het ontwerp om te zetten in een bestek, moeten alle materialen en hoeveelheden exact bekent zijn om een bestek van te kunnen maken.

In dit laatste uitwerkingsniveau leggen we alles tot op detail vast; dikte van de opsluitband, overgangen van bestratingspatronen, beplantingsplan. Hierbij kunnen we een kostenraming verder uitwerken tot een directiebegroting om zo nog beter inzicht te krijgen in de realisatiekosten. Wanneer gewenst kunnen we een Detailontwerp aanvullen met een gedetailleerde werkomschrijving of zelfs omzetten in een bestek voor een (openbare) aanbesteding.